Vooral in de koudere maanden wordt er vaak met gewatteerde stof gewerkt. Je kunt het kant en klaar kopen, maar ook zelf maken.

In deze blog laten wij zien hoe je dat doet!

Als je een naaiproject met gewatteerde stof wilt maken, is het belangrijk dat de stof niet te dik is, zodat je hem dubbel kunt verwerken.

Bekijk hier hoe je gewatteerde stoffen kunt maken om daarmee een kledingstuk voor het koude seizoen te maken.

✄ - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -- - - - - -

1. De lagen op elkaar stikken en de randen met een paspel afwerken

Houd met deze aspecten rekening:
• de buitenste laag is een gewatteerde stof, de voering is dunner, de randen worden met een paspel afgewerkt.
• je kunt de voering tegelijk met de stof stikken en de randen met een paspel afwerken of je kunt eerst het model naaien en dan het model met voering afwerken.
• om het even volgens welke methode je werkt, als de randen van het model met een paspel afgewerkt worden, hoe je bij de randen geen naad aan te knippen; bij zakken ook de randen met een paspel afwerken.

2. De panden knippen

Houd er rekening mee dat bij gewatteerde stof de stiksels bij de randen mooi door moeten lopen.

Bijvoorbeeld bij de armsgaten en de de mouw de streepjes overnemen, zodat de stiksels later bij het inzetten van de mouwen mooi doorlopen.

Knippen

Omdat de vlieseline of het volumevlies dat tussen de lagen verwerkt wordt, soms niet makkelijk verwerkt kan worden, moet je met de volgende dingen rekening houden:

• De patroondelen op de gewatteerde stof vastspelden, de naden rondom tekenen (lees ook de aanwijzingen bij stap 1).
• Bij de naden de lagen stof net naast de naadlijn met rijgsteken op elkaar vastzetten.
• Pas dan de delen uitknippen. Door de rijgsteken blijven de lagen stof netjes op elkaar vastzitten. Later zijn de rijgsteken niet meer zichtbaar, omdat ze bij de naad zitten.

3. Stof watteren: voorbereiding

De stof met de goede kant naar boven op het voluminevlies vastrijgen.
Het doorstikmotief (strepen, ruiten of een ander motief) met kleermakerskrijt op de stof tekenen.

4. Stof oprollen

Als het doorstikmotief op heel de stof getekend is, de stof het beste oprollen, zodat je steeds een deel kunt stikken.

Als de patroondelen heel groot zijn (bv. voor een mantel), kun je ook per patroondeel een deel van de stof watteren.

Comment coudre une poche passepoilée ?Comment coudre une poche passepoilée ?

5. Doorstikken

Nu de stof bij de lijnen of de motieven doorstkken en er goed op letten dat de lagen niet verschuiven. Eventueel een stikvoetje met geleideliniaal gebruiken.

Steeklengte en naald:

• Omdat je twee of misschien drie lagen stof op elkaar stikt, adviseren wij met een langere steek te stikken, zodat de draad voldoende lang is om door de lagen heen te gaan.
• Bij de keuze van de naaimachinenaald stemt u deze op de stof die aan de bovenkant komt te zitten af, in principe zijn quiltnaalden en microtex naalden geschikt. Maak in elk geval altijd eerst een test op een restje stof. 

Om alle naaitechnieken onder de knie te krijgen en alles over een naaien van een model te lezen: 

Burda boek 5e oplage: naaien is niet moeilijkBurda boek 5e oplage: naaien is niet moeilijk